William Sewel.

A large dictionary English and Dutch, in two parts : wherein each language is set forth in its proper form ; the various significations of the words being exactly noted, and abundance of choice phrases and proverbs intermixt. : To which is added a grammar, for both languages. ... = Groot woordenboek online

. (page 1 of 187)
Online LibraryWilliam SewelA large dictionary English and Dutch, in two parts : wherein each language is set forth in its proper form ; the various significations of the words being exactly noted, and abundance of choice phrases and proverbs intermixt. : To which is added a grammar, for both languages. ... = Groot woordenboek → online text (page 1 of 187)
Font size
QR-code for this ebook


Digitized by the Internet Archive

in 2009 with funding from

University of Pittsburgh Library System



http://www.archive.org/details/largedictionaryeOOsewe



ill



3 1735 060 397 704




T ' AMSTEI.DA3L bv EvERT ViS S CHER , MDCCXXVII.



a L A R G E

DICTIONARY

ENGLISH and DUTCH,

in two Parts:

Wherein each La- guage is fet forth in its proper form ; the various fignifications

of the Words being exadly noted, and abundance of choice Phrales

and Proverbs interaiixt.

7o which is added

^GRAMMAR, for both Languages
The Firfi Tart.

The third Edition upon a Copy correBed and enUr'^ed with fever aI Words and
Phrafes by the AMthor''s own hand before he dyed,

WOORDENBOEK

D E R

ENGELSCHE en NEDERDUYTSCHE

Taalen 5

Ncrcns ccnc SPAAKKONST derzclver,
DOOR

W. S E W E L.

Eerfie Deel

De derde Druk volgens des Audreurs eigen handfchrift verbetert en met eeo
groot getal Woorden en Spreekwyzen vermeerdert.




t' A M S T E R D A M, by

J AC O E T E R BE EK yBoekverkooper bezyden de Beurs. 1 755".




AAN DEN HEERE

JOACHIM VAN GENT,

VOORNAAM KOOPMAN TE AMSTERDAM.



MTN HEER en NEEF,




leniand kan met eenigen fchyn van reden ontkennen,
dat de Koophandel de voornaamfte, zo niet de eenige fteun is
van ons Vadedand , en het middel waar door het is opgeftegen
tot die lioogheyt, welke de achting der nabuuren en de verwon-
dering der afgelegene Volkeren verdicnt 3 noch is iemand zo



onwe-



onwetcnde aangaande den tegenwooroigen toeftand van het zel*
ve in het algemeen , of van deeze bloeiende Stad in het byzon-
der, dat hy niet overtuigd is, dat dezclve Koophandel het Va-
derland in ftaat houd , en in het vervolg zal houden , indien de
middelen daar toe behoorlyk worden aangewend. Aan de andere
kant is het een onbetwiftbaare waarheit dat onze Moedertaal^
fchoon mifTchien eene der rykfte van alle taalen , die onder de
Chriftenen gefproken worden, buiten de Nederlanden raeeft on-
verftaanbaar is, daar in het tegendeel onze Vaderlandfche han-
del zichbyna zo verre uitftrekt, als de bereisbare en bevaarbare
Waereld. Uit de vergelyking van den ftaat des Koophandels met -
dien van onze Moedertaale blykt derhalven zeer klaar , dat uit
de wyduitgeftrektheit van het eene en de enge paalen van het
andere een ongemak ontllaat, waar door het dryven van Handel
met "Volkeren, die onzer Taale onkundig zyn, ten eene maale
zou onmogelyk gemaakt worden , zo men op geene noodzaake-
lyke hulpmiddelen da-ar tegea was bedacht geweeft. Die hulp-
middelen nu , Myn Heer en Neee, zyn wel vcrfcheiden,-
maar de Woord-boeken buyten tvvyflFel de noodzaakelykfle en
nutfte. Zy zyn flomme Taalkundigen , die, naar de betekenis
van eenig woord in eene andere Taale gevraagt zynde, terftond
duidelyk en klaar antwoorden. Door derzelver behulp wordt het
onverftaanbaare klaar , het twyfelachtige zeker , en het onbe-
kende op eene gemakkelyke wyze bekend. Maar indien de
Woord-boeken in het algemeen zo noodzakelyk zyn tot het ge-
truyk van den Koophandel, zo zyn onder dezelven, die wel de
noodzaaklykfte, welkc ons opening geeven van eene Taale, die
de Land-taal is van een Volk met het welke wy meeft te handelen
hebben , en dat nevens ons zyn voornaamfte werk maakt van den
Koophandel. Deze zyn buyten twyfel de Engelfchen, door hun-
fie gelegenheit onze Nabuuren , door hunne geneigtheit onze
Vrienden, en door hunnen Godsdienft onze Broeders. Wy dryven
met hen een voordeligen Handel , en een vafte band der waare
onderlinge belangen knoopt ons met hen te zaamen. Het is der-
halven zeer noodzakelyk ^ dat de Engelfche Taai. gekend wordt

van.



van alle rechtfchape Kooplieden en andere , welke zich in hunne
redencn en fchriften gaarne bedienen van bloemtjes op dien
grond gewalTen. Daar toe kan dit Woord-boek , het welk ik de
ecre lidb van aanUEd: Myn HEERenNEEF, optedraagen, deti
wegjbaancn , alzo ieder Hollander^ om zo te fprceken, het zel/-
ve^y de hand hebbendc, een Engelfchman, en ieder Engelfch-
m^n een Hollander by zich heeft, dien hy de betekenifl'en der
|.'..>onbekende woorden kan afvraagen , en die nooit nalaat hem be-
hoorlyk te voldoen. Het gebeurt niet ieder een, dat U Ed:
gebeurd is, die, in meer dan veertig tochten, welke Gy, tot
voortzetting van uwen braven en niet min voorfpoedigen handel,
naar Engeland gedaan hebt , overvloedige gelegenheit gehad,-
en dezelve ook zeer wei gebruikt hebt , om de Engelfche taale
te Iceren uit den mond der geenen ^ die haar met hun eerfte
voedzci hebben ingezogen ^ om nu niet te zeggen , dat U Ed:
in verfcheide tochten naar Denemarken , ook aldaar als Burger
zyt geworden. ■\v,^.^.i\..,

Ik heb dan, Myn Heer en Neef, dit berocmde Engelfche

Woord-boek wederom in het licht gevende veele en gewichtige

redenen gehad om het zelve aan U Ed; optedragen , fchoon onze

bloedverwandfchap , gevoegt by de onnocmelyke beleeftheit en

vriendfchap my op meer dan- eenewyze gulhartig betoont, my nied

verplichtte tot eene openbaare betuiging van dankbaarheit, welke

ik aan zo veel goedheit fchuldig ben. Want zo iemand, U Ed:

is zekerlyk in ftaat om aangaande dit werk te oordeelen , het

zelve den minkundigen aan te pryzen, en des fchryvers arbeit

met goeden gront te verdedigen , daar het behoort. De nette

kennilTe der Engelfche taale, die gy bezit, geeft UEd: dat recht:

En men mag met reden geen werk aan iemand opdraagen, dan

aan eenen man , die van het zelve kan oordeelen en het , dcs

noods zynde, verdedigen tegen den lafter of onwetenheit van an-

deren. Neem het my dan, Myn Heer en Neef, niet qualyk

dat ik deze bladeren met uv/en Naam vereere en dit Woorcf-boek

onder mve befcherminge ftel. Indien myn plicht zulks niet ver-

eifcht had, zou uwe taalkeunis dat hebben gevordert^ en zo deze

my



my niet had aangefpoord , myn plicht zou my den weg tot U Edr
hebben gewezen. Nu doen zy liet bcide. Het is een geluk voor.
my, dat zy te famen koomen, in een bloedvriend, voor wel-
ken ik zo veel achting heb en wiens vriendfchap ik zo hoog
"waardeere.

Ontfang dan, Myn Heer en Neef, dit teken van achtinge en
vriendfchap , als een waar onderpand van beide. God geeve UEd:
een lang, voorfpoedig en geruft leeven , en hy laate U Ed: ne-
vens U Ed: welbeminde Huisvrouwe de vruchten van uwen vlyt en
arbeid, uw leeven lang , ongeftoord en onbenyd genieten.



MYN HEER en NEEE,



XJEd: Zeer Fer pilch te en Dienjlwii
Dienaar en NEEFy



EVERT VIS SC H ER.




VOORREEDE.

Yndelyk komt de f tweede druk van myn lang-verwacht WoordenboekJ*
waaraan ik etiyke jaaren met veel moeite geaibeyd heb , te voorfchyn.
Met hoe veele duyzend woorden het verrykt is , en hoe veele fpreekwy-
zen het meer behelft dan de eerfte druk, kan ik eygentlyk niet zeggen;
doch dit wel , dat het eerfte Deel met een zcer groot getal is vermeerderd :
wyders heb ik daarin , ten dienfte onzer Landslieden , my menigmaal niet vcrnoegd
met etiyke Engelfche woorden fimpelyk te vertaalen } maar daarhy gevoegd zodaa-
nigc verklaaringen die kennis geevcn van verfcheydene zaaken en gebruykelykheden in
Engeland, gelyk onder andere gezien kan worden by de woorden , jidjournment ^ J^^D'^
Parliament^ Pcnny-poft^ Pillory ^ fakers ^ enz. Belangende het tweede, daar het Duytfcli
voor aan itaat, de byvoegfelen, welkeik, geduurende eenen langen tyd , onder het ver-»
taalen van verfcheydene Werken, verzameld had, waaren zo menigvuldig, dat ik my
genoodzaakt vond, het geheel op nieuws over te fchryvenj 't welk my veel moeijelykei:
heeft gevallen, dan het eerile opilel, donrdien dat weynig meer woorden behclsde, dan
men reeds in andere Woordcnboeken vondtj waar tegen dit een grooter getal van Neder-
duytfche woorden vervat, dan nog ooit, voor zo veel my bekend is, in eenen bondel
2yn vergaderd geweeft j van woorden zeg ik ; want zo men op den overvloed van
fpreekwyzen ziet, dan zal het Nederduytlch en Latynfch Woordenbodc van S.Hannot
het myne overtreffen. Maar wat nut hy ook geacht heeft dat dit ontrent het Latyn heb-
ben mogte, nogtans zou die beooging ontrent het Engelfch noodeloos zynj anders zoud
het my geen groote moeite zyn geweell, dit Boek nog eens zo verre te hebben doen uyt-
loopen Doch dewyl het meefte gedeelte der woorden van zodaanig een aardt is, dat die
door 't byvoegen van eene fpreekwyze geen nader verklaaring ontfangen , zo heb ik my
dairop v^oornaamelyk bevlytigd, dat die woorden, wel ke verfcheydene betekeniflen heb-
ben, of die door eene fpreekwyze duydelyker van eenen vreem"deling konnen verilaan wor-
den , of ook die door 't byvoegen der Ledekens van de Engelfche maniere van fpreeken
afwyken, door voorbeelden opgehelderd wierden. En is de fpaarzaamheyd daar ontrent
zo weynig van my betracht, dat ik by fommige woorden liever te ruym , dan te fchaars
heb willen zynj hebbende zeer veele fraaije uytdrukfejen, nooit in eenig ander Woorden-
boek myns weetens gezien, en die my van tyd tot tyd voorquamen, waar onder ook
eenige van den Riddcr Hoofd, elk op zynen oord mgevoegd. ( .>ok heb ik veele naamen
van kruyden, ten dcele opge^ocht uyt het Kruyd-bock van Dodonxus, ja zclfs de vreem-
de benaamingen van Ooitindsfche ftoffen en lynwaaten , als mede een goed getal van
Koopmans en Schippers fpreekwyzen, ter behoorlyker plaatfe ingebragt. En hoewel ik
de Onduytfche woorden doorgaans vermyd hebbe , echter heb ik eenige weynige, die
veel in 't gebruyk , en by geene benaamingen van zuyyer Duytfch bekend zyn , niet
willen voorby gaan , gelyk ook niet etiyke verouderde woorden , die men fomtyds in
cude Schriften nog ontmoet: doch op dat een vreemdeling uyt onkunde die niet zoude
naavolgen, zyn ze, zo wel als de onduytfche en boertige, met zekere tckens, hier naa
tenoemen, gemcrkt, Belangende de Spreekwoorden, van welke al een taamelyk getal
in dit Werk is gevloeid, ik heb, zo veel my doenlyk was, getracht die door fpreek-
woordelyke uytdrukfelen te vertaalen j maar dewyl my zulks niet altyd heeft willen ge-
lukken, zyn 'er eenige onder, die flecht en recht naar de letter overgezet zyn.

Moogelyk zal de eene of de andere Nederlander , buy ten ons Holland , dcnken dat
vecle byzondere woorden en benaamingen, hier te landejuyil niet gangbaar, ook plaats

* * in

(t) Zynde tegenwoordig de derde druk. De welke niet alleen door den Autheur van alle de Dtukfouten is
verbetert, maar daar en bovcn van hem zelfs met meer als 3000 Woorden vermeerdert.



VOORREEDE.

in dit Werk moflen gehad hebbenj raaar van dat verlland ben ik niet: want hoewel het
Kederduytfch zich veel vcrder uytllrekt dan Holland, nogtans meenik, dat het Hoi-
landfch allecn het rechte Nederduytfch is , en dat de andere byfpraakcn, die daarvan
flfwyken, voor gebreklyk te houden zynj al zo wel als de Ilraattaal, en boerefpraak,
in Holland gebruykelyk, niet voor gocd Nederduytfch moogen te bock gefteld vvorden.
Alhoewel het nogtans waar is, dat ten platce lande eenige woorden in 't gcbruyk zyn,
die men niet t'eenemaal te verwerpen heeft , gelyk als Ba-o'vermorgen , (f) Gaftebod^
^'weeUcht^ IVaardfckap^ IVeeg^ Zeet ^ enz. en zulke zyn'er mifTchicn ook in de naa-
^buurige Landfchappen , 2\^ Ammelakcn ^ By lander ^ handha've ^ hauwe ^ hejpe ^ boos ^
hove fate ^ Jonkivyf (m ilede van dienjlmeyd o\^ zyn Zeeuws), Maarte^ Ontbeyden, ont-
pnnen y Spinnejaager ^ tetfe ^ en andere, die daarorn ook plaats in dit Werk gckreegen
Jiebben. Maar des niet legenftaande blyft het Hollandfch het befte Nederduytfch, en
men heeft reden om zich te verwonderen , hoe het Vlaamfch woord biek in de Ne-
derduytfche Overzettinge van een Werk , dat in al!e mans handen motl komen , en
onder 't opzigt van keurige kenners in 't licht quam , de plaats van bakte heeft konnen
inneemen.

Het is ook niet ongewoon in andere Landen , alleen aan zeker gedeelte derzelver de
befle fpraak toe te fchryven. Hoe verre flrekt zich Duytfchland niet uyt ! en evenwel
weet men dat het belle Hoogduytfch binnen den Kreyts van Saxen , en inzonderhcyd
binnen de wallen der Had Leypfig, bepaald wordt. Jn Italic wil men dat het zuyverite
Italiaanfch te Florence , hoofd-ltad van Toskane , te vinden zy : in Vrankryk houdt
men dc taal , die te Parys , enBlois, en daaromheen gefprooken wordt, voor 't bcfte
Franfch : en in Engeland wordt geoordeeld , dat men te Londen, en daar ontrent, het
netfte Engelfch fpreekt: en zelfs de Schottcn, die in hunne uytfpraak zeer veel van de
Engelfche verfcheelen , trachten echccr in hunne Schriften zuyver Engelfch te fchry-
ven , gelyk ook de Engelfchen dcr afgelegene Provincien , in welke men veele woor-
den gebruykt, die voor geen algemeen Engelfch erkend, en daarorn ook Proiince-ivcrds,
6£ ProviKcie-woorden, genoemd worden.

Geenc der Nederduyifche Woordenboeken , die totnogtoe in 't licht zyn gekomen,
Jiebben ooit de Geilachten der Naamwoorden aangeweezen : die heeft my bewoogen,
uyt aanmerkinge van het nut, dat'er zo wel voor onze Landsgenooten als voor Uyt-
heemfchen flak in zoJaanig een aantooninge, (waaraf de eerile fchers , door de vlyt
van den geleerden en taaliievenden D. van Hoogfraaten , aan \ Staatendom der Gelet-
terden gefchonken is), eens te onderflaan of ik dit niet naar behooren zou konnen doen;
te meer dewyl het Nederduytfch en Franfch Woordcnboek , 't welk by F. Halma onder
de perfe is, en waaraan ik ook voor een gedeelte gearbeyd heb, insgelyks met aanwy-
zinge van de geflachten der Naamwoorden flaat uyt te komen j en dat het jammer zou-
de zyn , de Engelfchen, die in hunne taal van geen geflacht weeten, en alle hunne
Naamwoorden als Neiitra gebruyken, van deeze kennilTe te misdeelen.

Ontrent het grootfle getal dcr Nederduytfche Naamwoorden acht ik dat men genoeg-
zaam buyten twyfel is-, evenwel zyn'er verfcheydene, die beyde Mannelyk en Vrowwelyk
konnen gebruykt worden, zonder eenige wanluydendheyd , gelyk het woord Brand:
want Den brand biufchen, fchynt wel gefprooken te zyn 5 en nogtans luydt het vry hard,
alsmenzegt, Het buys ftaat in den brand ; en my dunkt dat het beter vloeit , te zeggen
Het fcbip wierdt in de brand gefloken. Hierom heb ik achter dat, en diergelyke woorden,
gdykDood^ 'tyd^ enz. eene (C ) gefteld , om daardoor te betekenen dat zy Communis
generis^ of van beyderlcy gellichte zyn, enom die reden ook tweefins , naar dat het

beft
(i-) Waarvoor iz WaterLuiders door een c^uaade uylfpraal? zeggen Kejlehc-^,



VOORREEDE.

befl luydt, moogen gebruykt wordcn. Hoe verre myn wcrk in deezen opzigte met dat
van Halma zal overeenltemmen, ftaat de tyd te ontdekken: inmidJels kan ik my zwaar-
lyk verbeelden, dat het verrchil in dit ituk heel groot zal zyn. Eenige zcer weynigc
woorden zyn my voorgekomen , die my deeden in twyfel ftaan , en daarom zette ilc
eene (D.), tot een teken van Dubii generis^ daar achtcr. Wat nu verder tot de kennifle
van de geflachten der Nederduytfche Naaaiwoorden dienen kan, heb ik door vafte Rc-
gelen, welke ik alleen aan myne eygenc uytvindinge veiichuldigd ben, in myne Spiaak-
konft, die by dit Werk gcvoegd is, nevens een naauwkcurig Hericht noopende de Uyt-
fpraak, inzonderheyd van 't Engelfch, midsgadeis etlyke aanmerkingen wegens de Ne-
derduytfche fpeUingc, omllanJjglyk aangeweezen.

Doch fommige zuUen het mifichien voor een groot verzuym rekenen, dat ik achter
alle de woorden niet aangetoond hebbe, of" ze ten Nomen^ Verbum^ 6^ jidverliiim^ enz.
zyn. Maar dit fcheen my toe van weynig belang, omdatzy, die Latyn verftaan, zulks
van zelfs weeten, en de ongeletterden geen zonderling nut uyt zodaanig ecne aanwyzin-
ge konncn trekkcn. Evenwel zal men nog al dikwils achter de woorden g. fteld zien
Subfl. Jdj. Verb, en Adv. Naamelyk wanneer een Subftantivun eveneens gefchreeven
wordt als een AdjeWnmm ; of wanneer een Verbum en een Nomen^ of een Adje^ivum
en een Adverb'ium in letteren eens zyn : doch dit is maar voor zodaanigcn die zich des
verftaan.

Overwyzingen , welke , hoe verdrietig ook , men nogtans in fommige Woorden-
boeken zeer overvloedig aantrefc , zal men hier niet vindcn , dan by woorden die of
fchier niet in 't gebruyk zyn, of die op tweederleye wyze gefpeld, den Leezer doen
zoeken na 't gene my 't gevoegelykft toefcheen.

't Kan niec wel moogelyk weezen, dat onder zo veele duyzenden van woorden my
niet het een of 't ander zoude ontflipt, of ook wel door den Letterzetter overgeflagen
Zyn: zulks dat 'er niet nog veel meer woorden en fpreekwyzen uyt verfcheydene Schry-
vers zouden konnen bygcvoegd worden : doch dit zoud een werk weezen van een
eyndelooze uytgeftrektheyd > om dat zo wel de Engelfche , als onze Taal , van zulk
een aardt is, dat icder Schryver byna nieuwe woorden kan fmeeden, en Koppelvvoor-
den vormen, naar zynen zin: behalven nog, dat de Engelfche Schryvers, t'elkens als
zy oordeden dat het tot krachtiger uytdrukkinge van hunne meeninge dienen kan,
hunne toevlugt tot het Latyn of Griefch neemen, en van dieTaalen zodaanig een woord
ontleenen als hen gevalt. En hi^rom is het dat de verraaarde Dr. Thomas Brown zclf
bekent, dat men voortaan wel diende Latyn te leeren, om het Engelfch gvondig te
konnen verllaan. Waaruyt dan ligtelyk kan afgenomen worden , dat die geen La-
tyn verftaat , nooit tot eenen volkomen Vertaaler van het Engelfch zal bequaam zyn;
en dat ook tot verder uytbreydinge van die Boek nog een veel grooter voorraad van
woorden zou konnen verzameld worden , indien men gedulds genoeg had om zich
te pynigen met eenen verdnetigen en ongeachten arbeyd , daar niets van belang mce te
verdienen valt. En waare het niet geweelt enkelyk de lult en drift om het Gemccn te
dienen, nooit had ik konnen befluyten, myne krachtcn aan dusdaanig een flaaffch werk
te veifpillenj dewyl ik den tyd, daar aan te kofte gehangen, tot merkelyk meer voordecl
voor my zelven zoud hebben konnen befteeden. Waaiby nog komt, dat het my fomtyds
niet weynig verdrooten heeft, dat ik my zelven niet in alien deele heb konnen voldoen.

Indien 't derhalve quame te gebeuren, dat iemand, onder zulk een grootc menigtc
van woorden, als hier te voorfchyn komen , ergens een ingedoopen vondt, waar ontrenn
ik quaalyk onderrccht ben , (want hoe menigmaal is 't gebeurd , dat zelfs gcboorcne
Engelfchen my geen genoegzaame voldoening wegens 't een oft ander wooid of /]ircek-



VOORREEDE.

\vyze hebben weeten tc geevcn ! ) die hoop ik zal 20 befcheyden zyn , dat hy daarom 't
e/nlche werk niet verachten zal : alhoewel my iets diergelyks ten aanzien van den eer-
Sen druk nu en dan is voorgckomen, vanzulken, die, om een weynigje Duytfch dac
zy eeleerd hadden, kennis gcnoeg meenden te hebben om van 'c geheele Boek te kon-
nen oordeelen. Doch 't zv daar mede zo 't wil , de raisflagen daar in nog overgebleeven ,
zyn in deezen druk verhulpcn. Voorts is 'er geen vlyt noch moeite gefpaard om alle
misitellingen voor te komen : maar wy zyn echter menfchen j en 't is menfchelyk te
doolen. Des niet tegenlkande is het berifpen veelen menfchen zo eygen, als of zy zeh^e
onfeylbaar waaren ; daar nogtans zeer fchrandere Verftanr",,] den bal fomtyds misflaan.
Men moet bekennen dat E. Coles in zyn Dictionary of Difficult Terms and bard Words
alle andere Boeken van die natuur , voor 't zyne uytgekomen , verre voorbygeftreefd
heeft: en hoe geeftig fchimpt hy in zync Voorreede op dc misllagen van anderen! Maar
Wat Nederlander moet ondcrtuffchen' niet lachgcn , wanneer by in het Woordcnboek
van dien Schryver leefl:, FL.lNDRL^, flmders, one great Toivu 0/1^4 Fi/lages within
5)0 -miles ; 't welk in Duytfch is, FL^JNDRE^ eene groote St ad van l f4 Dor pen hinnen't
hefiek van po mylen. Andere misgreepen, die niet heel veel beter zyn, gaa ik voorby.

Hieruvt zier men dat het byna onmoogelyk fcbynt voor eenen menfche alleen een
Woordenboek te maaken , daar niets berilpelyks in te vinden zou zyn. Doch hoe vol-
komen zodaanig een Werk 00k mogt weezen , echter moet niemand zich laaten bedun-
ken,' dat ingevalle hy, iets vertaalende, op den voorgang daar van doolde, zulks den
maaker van dat Woordenboek zoude te v/yten zyn. Want hoewel het waar is, dat een
ilecht Woordenboek aan eenen onbedreevencn plompe misflagen kan doen begaan, gclyk
ik 5 indien ik wilde , door etlyke voorbeclden , van zodaanigen die zich voor goedc
Overzetters uytgaven, zou konnen aantoonen, nogtans zyn 'er gevallen , daar men zich
niet altyd aan de allereygentlykfte betekeninge der woorden binden mag : want hoewei
deeze fpreekwyze, lo pit out of countenance ^ betekent Ferblu fen , of icmand v^n xyn
fiuk hehen^ echter is 't my voorgekomen dat het zich gevoeglyker lict vertaalen door
^vankekn; en to Gratify 't wclk betekent bcgunjligen, beheven oiinvolgen^ heb ik by
gevalle wel vertaald door jlreelen j alzo is 00k R£ conciliation eygentlyk Ferzoeyiing^ en
nogtans heb ik het nu en dan vertaald door vereeniging : en dus is 't my fomtyds met
verfcheydene andere woorden en fpreekwyzen gegaan. Hierom kan niemand een- goed
Vertaaler zyn, 't en zy hy de fpraaken in den grond verftaande, bequaam is om op alle
omllandighedcn te letten i en dan zoud hy evenwel, door 't een oft andcr toeval, hier
en daar nog konnen te kort fchieten.

Noo- iets is'er daar ik den Leezer van moet verwittigen. Dat ik in dit Woordenboek ,
onder^de fpreekwvzen, voor het Nederduytfch Gy en U doorgaans het Engelfch Tou-
gefteld hebbe, is"meer gefchied om anderen wille, dan om dat ik het zo goed keure:
Want Gy, zo als 't nu den meeften tyd by ons gebruykt wordt, is op 't Engelfch Thou^
en V is T'bee-y maar de gev/oonte wil dat' het gebruyk daar van in den gemeenen omme-
gang een plompe fpraak zy, zonder dat men aanmerkt, dat niet alleen de Engelfche
Bvbeltaal , en de taal der' gebeden tot God , die woorden behouden j maar zelfs in
GedJchten, en in Treurfpclen , bcdient men zich nog hedendaags daarvan , fchoon'er
tot Koningen en Koninginnen gcfprooken wordt ; een klaar bewys dat de woordtjes
7hon en Thee niet als verouderde woorden moeten aangemerkt worden , zo als fommigen
onder de Engeifchen fchynen te willen beweercn, en ge\yk Du in 't Hollandfch , ten
minllen in de fteden, t'ecnemaal verouderd, en een baftaardwoord geworden is.

Voor 't overige, gelyk ik by den eerllen druk van dit Werk beloofde van tyd tot tyd
aantekening te zullen Louden van woorden en fpreekwyzen die tot vermeerderinge ea



V O O R R E E D E.

verbeterlnge van dit Werk konden dienen, 20 is myn voorneemen nog eveneensj en ik
meen, indien my nog eenige tyd van leeven overfchiec, in een byzonder afdrukfel van
dit tegenwoordig Werk , ter behoorlyker plaatie , aan te tckenen wnc niy als nut en
noodig tot dien eynde voorkomt j op 't welk hy, dien naa mynen dood de toezi^t over
de Pi oeven van dit Woordenboek , zo het t'ecniger tyd ten derden maale onder de pcrfc
komt, mogt toeveitrouvv^d worden, verzocht Vv'ordt te lecten, als mede dat'eraeene
misilagen infiiiypcn ontient de merkletteren, die 't geflacht der Naamwoorden betekc-
nen. Ik zeg dit hier, om de meer dan gemeene naauwkeurigheyd , welke daar toe wordt
vercyfcht j want zo men hier ontrent achteloos is, wat doec men anders dan het geheeic
Werk bederven, en den onkundigen leerling jammerlyk misleyden ? Beter was het, dus-
daanige aanwyzingen geheel achter te laaten, dan in dien deele niet ongeraeen fcherp
toe re zien : hierom heb ik zulken naauwen totzigt op die letteren genomen, dat zo'er
al, onaangezien alle myne vlyt, ergcns een veikeerde mogt liaan gebleeven zvn, ik my
nogtans vry wel verzekerd houde, dat dit zeer zelden gefchied zal weezen. Eii tot voor-
kominge van Drukfouten heb ik allcs gedaan wat in jnyn vermoogcn was, oni die te
mydenj doch hoe zeer men 00k daarover uyt mag zyn, hcc fchynt echtcr onmoogelyk
dat'er niet iets verkeerd gezet worde, 't welk men anders wilde gehad hebben.

Geringe fouten, gelyk ^, in plaatfe van e, of b in plaatfe ^ , » in flede van u, die
fomtyds flaauw in de Proeven uytgedrukt, onvoorkomelyk zyn, zullen niemand , 20 ik
acht, misleyden, en 00k maar zeer wcynig in getal weezen.

Tot een befluyt wenfch ik dat de leerlingen der Engelfche en Nederduytfchc Taalen
zo veel genoegen uyt dit Werk moogen fcheppen, als ik lafl gehad heb om hen tot
het leeren derzelver behulpzaam te zyn, (tot welken eynde ik ook veele zo wel Neder-
duytfche als Engelfche woorden met een ^ccef2t of klankteken heb gemerkt) : en dan zal
ik myne moeite en arbeyd niet quaalyk befteed achten. Doch al viel het ook anders uyr,
dit Werk zal my niet berouwen, dewyl ik het met een goed oogmerk gedaan hebbej
alhoewel ik my reeds eens verbeeld had, nimmer het eynde daarvan te zullen aanfchou-
wen: want- nog onlangs, eer ik dit volfchreef, ftondt het gefchapen, dat ik oogen-
fchynlyk nnoit de laatt'.e hand aan dit Werk gelegd, of het afgedrukt gezien zoude heb-
ben, ter oorzaake van een zeer zwaare krankte waarin ik verviel , die my zo oncremeen
fel aantaftte, dat ik daar door tot byna op den oever der Doods gebragt wierd, en de
myne zich reeds niet anders toeleyden , dan voortaan van myn gezelfchap beroofd te



Online LibraryWilliam SewelA large dictionary English and Dutch, in two parts : wherein each language is set forth in its proper form ; the various significations of the words being exactly noted, and abundance of choice phrases and proverbs intermixt. : To which is added a grammar, for both languages. ... = Groot woordenboek → online text (page 1 of 187)